Wat is geheugenverlies?

Geheugenverlies (geheel of gedeeltelijk) wordt ook wel amnesie genoemd. Er zijn twee vormen van geheugenverlies: retrograde amnesie en anterograde amnesie. Bij retrograde amnesie verlies je je geheugen van voordat je de aandoening kreeg die het geheugenverlies veroorzaakt heeft. Anterograde amnesie betekent dat je vanaf het moment dat je ziek wordt, niks meer in je geheugen kunt opslaan.

Tijdelijk geheugenverlies

Tijdelijk geheugenverlies is van korte duur. Meestal duurt het minder dan 24 uur, maar in sommige gevallen kan het een paar dagen duren. De oorzaak van kort geheugenverlies is niet bekend. Wel is er bekend dat stress en zware lichamelijke inspanning er soms iets mee te maken hebben.

Plotseling geheugenverlies

Plotseling of acuut geheugenverlies is ook vaak van korte duur. Een bekend voorbeeld is het Tip-Of-the-Tongue fenomeen (TOT-fenomeen). Hierbij ligt een bepaald woord figuurlijk op het puntje van je tong en je weet dat het woord ergens in je geheugen zit, maar je kunt er niet meer op komen. Meestal herinner je later het exacte woord, omdat er dan geen druk of stress meer is.

Oorzaak van geheugenverlies

Geheugenverlies wordt veroorzaakt door beschadiging of ziekte van hersengebieden, die betrokken zijn bij de geheugenfunctie. De hersenbeschadiging of ziekte aan de hersenen kan door verschillende factoren ontstaan:

  • stress.
  • alcohol (Korsakov Syndroom).
  • ouderdom. Vaak is geheugenverlies bij ouderen een vorm van dementie.
  • een lichamelijke of geestelijke ziekte, zoals de ziekte van Alzheimer.
  • bij lichamelijk letsel (zoals een slag tegen het hoofd of een schedelbreuk).
  • na een beroerte.

Veel gevallen van geheugenverlies treden op na lichamelijk letsel. Na een hersenschudding herinnert de patiënt zich vaak niets van een korte of langere periode voor en na het ongeval. Bij zulke ongevallen hangt de duur van het geheugenverlies vaak af van de ernst van het letsel.

Symptomen van geheugenverlies

Naast het verlies van je geheugen, kun je geheugenverlies ook herkennen aan andere symptomen:

  • desoriëntatie/verwarring.
  • ongecoördineerde bewegingen (bijvoorbeeld meerdere malen tegen een tafel aanstoten).
  • valse herinneringen.
  • het niet meer kunnen opslaan van nieuwe informatie.